MEDISCHE TAI CHI BIJ DIVERSE KLACHTEN

Je hebt het vast weleens op tv gezien: tientallen Chinezen die in een park met z’n allen langzame bewegingen uitvoeren. Zij doen aan tai chi. En omdat er steeds meer wetenschappelijk bewijs is dat deze manier van bewegen écht gezond is voor lichaam en geest, wordt tai chi nu ook in het Westen populair.

 

Eigenlijk heet de bewegingsleer t’ai chi ch’uan, wat letterlijk betekent 'ultieme beste vuist'. Van oorsprong is tai chi dan ook een gevechtskunst, maar zowel in China, het land van oorsprong, als in het Westen wordt tai chi tegenwoordig vooral beoefend als meditatieve oefening die de gezondheid verbetert.

De bewegingen brengen lichaam en geest in balans en bevorderen daarmee het natuurlijk functioneren. Uit een publicatie van Harvard Medical School: "Je zou tai chi meditatie in beweging kunnen noemen. Er is steeds meer bewijs dat deze mind-body-oefeningen waardevol zijn bij het voorkomen én de behandeling van veel gezondheidsproblemen."

 

Energie moet stromen

Vanuit de Chinese filosofie werkt het zo. Je bent geestelijk en lichamelijk gezond als yin (de aardse, vrouwelijke energie) en yang (de hemelse, mannelijke energie) volkomen met elkaar in balans zijn. Yin en yang zijn de twee tegengestelde krachten die het leven bepalen, het zijn tegenstellingen die elkaar nodig hebben en elkaar aanvullen. Het ene kan niet zonder het andere; zonder dag is er geen nacht, zonder slecht is er geen goed, zonder ziekte is er geen gezondheid.

De langzame bewegingen van tai chi werken harmoniserend op deze yin- en yang-krachten door de doorstroming van de energie (chi) in ons lichaam te optimaliseren. Energieblokkades worden opgeheven, een te sterke energiestroom wordt afgeremd, een te zwakke wordt gestimuleerd. Als de energie weer voluit door het lichaam kan stromen is dat goed voor de bloedcirculatie, de spijsvertering en het zenuwstelsel. Organen gaan beter functioneren. Spanningen en vage klachten verdwijnen. Aldus de Chinezen.

Wetenschappelijk bekeken

Maar ook voor westerlingen zijn er voldoende redenen om aan te nemen dat tai chi een gezonde manier van bewegen is. Zo zijn er studies die aantoonden dat tai chi artritis kan helpen voorkomen, en zelfs bestaande klachten kan verminderen. Andere onderzoeken lieten zien dat tai chi de houding verbetert, de spieren versterkt en helpt bij het behouden van de lichamelijke balans, ook bij ouderen, waardoor deze minder vaak hun evenwicht verliezen of vallen. En doordat de bewegingen staand worden uitgevoerd, stimuleert tai chi de botopbouw en helpt het osteoporose voorkomen. Verder verbetert het het hart, de bloedsomloop, de ademhaling en de longen, het centraal zenuwstelsel en het functioneren van alle organen.

Daarnaast is de Chinese bewegingsleer gericht op het loslaten van stress en spanningen. De Universiteit van Miami deed daarom onderzoek naar de invloed van tai chi op hyperactiviteit. Al na tien lessen hadden de deelnemers minder last van concentratieverlies, 'dagdroom-gedrag', ongewenste emoties en hyperactiviteit. Ze konden zich beter concentreren en hun emoties beter onder controle houden. De Massey Universiteit in het Nieuw-Zeelandse Wellington onderzocht het effect van tai chi op psychiatrische patiënten. Resultaat: de patiënten hadden minder last van depressie, verwardheid, woede, spanning en angst en scoorden beter op energie en geluk.

De vermindering van stress heeft op zijn beurt weer een gunstige invloed op het hele lichaam, met name op het immuunsysteem. Niet vreemd dus dat een wetenschappelijk onderzoek onder ouderen liet zien dat hun afweer duidelijk verbeterde toen ze tai chi gingen beoefenen. Bovendien vermoeden wetenschappers dat tai chi een rol zou kunnen spelen bij het tegengaan van geheugenverlies bij ouderen.

  • Grey Facebook Icon